Observaties bedrijfsrecherche halen frauduleuze werkneemster onderuit

bedrijfsrecherche observatie

Ze beweerde dat ze niets zelfstandig kan doen: autorijden, de hond uitlaten, boodschappen of het huishouden doen. Ze kan zelfs niet zonder begeleiding haar woning verlaten, beweerde ze naar haar werkgever en het UWV toe. Het onderzoek van de ingehuurde bedrijfsrecherche bewees dat dit leugens zijn.

De beschreven observaties in het verslag van het bedrijfsrecherchebureau haalden stuk voor stuk elke bewering van de werkneemster onderuit. Op het ondersteunende foto- en filmmateriaal was duidelijk een vrouw te zien die wel zelfstandig activiteiten kon uitvoeren.

Voor alle zekerheid verifieerde de bedrijfsrecherche bij de werkgever dat de geobserveerde vrouw de betreffende werkneemster was, zodat hierover geen twijfel bestond.

‘Soms goede dagen’

Waar sommige werkgevers bij het zien van de resultaten van de bedrijfsrecherche meteen de telefoon zouden oppakken om de werkneemster op staande voet te ontslaan, pakte deze werkgever het anders aan. De werkneemster werd uitgenodigd voor een gesprek waarin ze de kans kreeg om op de vermoedens en bewijzen van werkgever te reageren.

Tijdens de confrontatie met de bevindingen van het bedrijfsrecherchebureau noemde de werkneemster pas dat ze soms ‘goede dagen’ had waarop zij wel een aantal zaken zelfstandig kon uitvoeren.

Maar hierover zweeg ze tijdens eerdere gesprekken met de werkgever of de ingeschakelde bedrijfsarts. Gesprekken die zeldzaam waren, omdat afspraken met zowel de bedrijfsarts als met de werkgever regelmatig afgezegd. Afspraken waarvoor de werkgever, in het kader van goed werkgeverschap zelfs taxivervoer regelde.

Zorgvuldig

De werkgever ging niet over één nacht ijs met betrekking tot de werkneemster. Hij gaf een officiële waarschuwing nadat de zoveelste afspraak werd afgezegd. Hierin werd de werkneemster op haar verplichting werd gewezen om aan haar re-integratie mee te werken.

De werkgever zocht ook naar passende arbeid en raadpleegde verschillende deskundigen om de werkneemster vooruit te helpen. En zelfs toen bleek dat ze het vertrouwen van de werkgever bewust schond, kreeg de werkneemster een laatste kans om het een en ander te verklaren en uit te leggen. Pas na het zorgvuldig nemen van deze hobbels volgde het ontslag op staande voet, waarop de werkneemster naar de rechter stapte.

Oordeel

Voor de rechter staat vast dat de werkneemster de werkgever doelbewust onjuist heeft voorgelicht over haar gezondheidstoestand. Dat blijkt uit (gebrek aan) verklaringen van de werkneemster en de beschreven observaties van de bedrijfsrecherche en het getoonde foto- en filmmateriaal.

Die leugens zijn dan ook terecht een dringende reden om de arbeidsovereenkomst onverwijld op te kunnen zeggen. De rechter wijst het verzoek van de werkneemster dan ook af. Ze blijft op staande voet ontslagen, en ze krijgt geen schadevergoeding.

Bedrijfsrecherche inschakelen?